Fasen in studiekeuze

Op het KKC onderscheiden we 4 fasen in het studiekeuzeproces, namelijk die van oriëntatie, verkenning, verdieping en besluiten. Hieronder staan ze beknopt uitgelicht. Staar je niet blind op de fasen, want soms overlappen ze - vooral verkenning en verdieping. En soms zit je wat betreft de ene studie in de ene fase, en wat betreft een andere in een vroegere.
1. Oriëntatiefase
In deze fase zit in principe iedereen in 5vwo wel. Je hebt immers al een profielkeuze gedaan die (hopelijk) aansluit bij je interesses en vervolgopleiding. Als dat niet zo is, geen zorgen; je kunt nog alle kanten op.
 
In de oriëntatiefase weet je:
- globaal welke studierichting (alfa, bèta, gamma) je op wilt;
- wat je leuk vindt (aan actualiteiten, vakken, manieren van werken);
- waar je goed in bent (niet alleen vakken, maar ook qua vaardigheden).
In deze fase moet je, om bij de volgende fase te komen:
- online gaan zoeken naar specifieke studies in de richting;
- praten met mensen (bijvoorbeeld ouders, decaan, mentor);
- eventueel testjes doen, zoals interesse-, competentie- en persoonlijkheidstestjes.
2. Verkenningsfase
In deze fase begin je langzaam te komen als je een aantal specifieke studies in je hoofd hebt. Nu is het zaak om daar ook echt aan te gaan proeven en te gaan ontdekken wat ze inhouden.
In de verkenningsfase weet je:
- de (specifieke) namen van een paar studies die je leuk lijken;
- een aantal universiteiten of steden waar je zou willen studeren;
- wat de studies heel globaal inhouden.
In deze fase moet je:
- open dagen bezoeken en informatie verkrijgen over de studies;
- je online en in brochures inlezen in wat de studie precies inhoudt;
- praten met huidige of voormalig studenten van de studie.
3. Verdiepingsfase
In deze fase ga je echt de diepte in. Je gaat proefstuderen en loopt een dagje mee met een student, zodat je een realistisch beeld krijgt van de studie. Je kijkt verder dan de studie, naar een aantal specifieke banen die aansluiten op de studie.
In de verdiepingsfase weet je:
- dat je twijfelt tussen een aantal studies;
- wat voor loopbanen daarbij zouden kunnen horen;
- wat de eisen zijn (aan vakkenpakket, competenties, etc.) van die studies.
In deze fase moet je:
- een meeloopdag doen of een stage regelen;
- proefstuderen bij verschillende studies;
- verschillende steden bezoeken en gelijknamige studies op universiteiten vergelijken.
4. Besluitfase
Je hebt onwijs veel informatie verzameld en moet nu keuzes gaan maken. Dat is lastig, want als je het ene kiest, kan het andere niet meer. Of toch wel? Studies combineren is soms mogelijk, maar gaat je tijd en moeite kosten. En is die stad wel echt de leukste? De besluitfase kan tot keuzestress leiden. Mocht dat zo zijn, kom dan vooral langs op het decanaat.
In de besluitfase weet je:
- dat je twijfelt tussen twee studies waar je vrijwel alles over weet;
- óf tussen twee universiteiten die je hebt bezocht;
- óf een combinatie daarvan.
In deze fase moet je:
- een knoop doorhakken of compromissen zoeken;
- eventueel praten met een decaan of mentor;
- een muntje opgooien.